Werkt u met onderaannemers? Voldoe aan de nieuwe zorgvuldigheidsplicht en voorkom dat u via ketenaansprakelijkheid opdraait voor hun mogelijke illegale tewerkstelling.

Sinds 1 januari 2026 gelden strengere regels in de bouw-, schoonmaak-, vlees- en koerierssector. De manier waarop u als opdrachtgever of aannemer aansprakelijkheid vermijdt bij illegale tewerkstelling door (onder)aannemers, is fundamenteel gewijzigd. Waar vroeger een schriftelijke verklaring volstond, moet u nu aan een uitgebreide documentatieplicht voldoen.
Ketenaansprakelijkheid: kern en doelstelling
Ketenaansprakelijkheid houdt in dat elke schakel in de keten van aannemers (zowel de opdrachtgever, hoofdaannemer als onderaannemer) aansprakelijk kan worden gesteld voor illegale tewerkstelling van derdelanders (onderdanen van landen buiten de Europese Economische Ruimte en Zwitserland) als werknemer of zelfstandige, die lager in de keten plaatsvindt.
De wettelijke invoering van deze ketenaansprakelijkheid beoogt sociale fraude en sociale dumping tegen te gaan en oneerlijke concurrentie te bestrijden.
In de praktijk werd men namelijk geconfronteerd met gevallen van zogenaamde “oneigenlijke detachering” van derdelanders die, in dienst van een werkgever uit een andere EU-lidstaat, naar België werden gedetacheerd zonder geldig verblijf of geldige arbeidsrechtelijke toelating. Daarbij bleek het bewijs van onderwerping aan de sociale zekerheid in die EU-lidstaat vaak vervalst.
De huidige verstrenging is in het bijzonder gericht op het tegengaan van constructies die werden opgezet om aan de verantwoordelijkheid voor illegale tewerkstelling van derdelanders te ontsnappen.
Wat riskeert u?
Als schakel in de keten kan u in elke sector, risicosector of niet, strafrechtelijk gesanctioneerd worden met een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en/of een geldboete van 4.800 EUR tot 48.000 EUR, vermenigvuldigd met het aantal betrokken derdelanders (met een maximum van 100).
Voor wie geldt deze regeling?
De regeling is van toepassing op alle natuurlijke personen en rechtspersonen (Belgisch of buitenlands) die activiteiten uitvoeren in het Vlaamse Gewest als:
- professionele opdrachtgever: iedere persoon die, in het kader van zijn economische of beroepsmatige activiteit, opdracht geeft om tegen een prijs activiteiten uit te voeren of te laten uitvoeren;
- (hoofd)aannemer: iedere persoon die zich ertoe verbindt om tegen een prijs rechtstreeks voor een opdrachtgever activiteiten uit te voeren (of te laten uitvoeren); of
- intermediaire aannemer: iedere onderaannemer die in de keten van aannemers een tussenpositie inneemt, ten overstaan van de onderaannemers die in de keten na hem komen.
Indien u als opdrachtgever-natuurlijke persoon uitsluitend voor privédoeleinden een aannemer inschakelt, valt u buiten het toepassingsgebied, tenzij u voorafgaand op de hoogte was van de illegale tewerkstelling.
De nieuwe regeling vanaf 1 januari 2026:
wat verandert er?
Voor alle sectoren blijft gelden: schriftelijke verklaring
Ongeacht uw sector, dient u, indien u de strafrechtelijke sanctionering wilt vermijden, voorafgaand aan de werken een schriftelijke verklaring te ontvangen van uw rechtstreekse (onder)aannemer. Deze kan de vorm aannemen van een afzonderlijke verklaring op eer of als clausule in de aannemingsovereenkomst worden opgenomen. Hierin bevestigt uw (onder)aannemer geen illegaal verblijvende derdelanders tewerk te stellen of te zullen tewerkstellen en geen zelfstandige beroepsactiviteit uit te oefenen zonder toegelaten of gemachtigd te zijn tot een verblijf van meer dan drie maanden of tot vestiging in België.
Nieuw sinds 1 januari 2026: uitgebreide zorgvuldigheidsplicht voor risicosectoren
Dit is de belangrijkste wijziging. Indien uw rechtstreekse (onder)aannemer actief is in één van de onderstaande vier risicosectoren, volstaat een schriftelijke verklaring niet. U moet daarnaast ook aan een uitgebreide zorgvuldigheidsplicht voldoen, door specifieke documenten op te vragen, te controleren en te bewaren.
Over welke risicosectoren gaat het?
- De bouwsector (werken in onroerende staat en levering van stortklaar beton)
- Uitzondering: De zorgvuldigheidsplicht geldt niet voor werken van minder dan 30.000 EUR excl. btw, uitgevoerd door één aannemer OF werken van minder dan 5.000 EUR excl. btw, waarbij slechts één onderaannemer betrokken is.
- De schoonmaaksector (reiniging en/of onderhoud van onroerende goederen)
- Uitzondering: idem als voor de bouwsector.
- De vleessector (slachten, uitsnijden en vleesbereiding)
- De sector van koeriersdiensten (pakketbezorgers in het kader van postdiensten)
- Uitzondering: De zorgvuldigheidsplicht geldt niet voor diensten waarbij pakketbezorgers gebruik maken van een tachograafplichtig voertuig en pakketten tot maximaal 31,5 kg vervoeren.
De Vlaamse regering koos voor een gefaseerde aanpak, met een eerste focus op sectoren met een groter risico op misbruik of met een intensief gebruik van onderaannemers. Dit sluit aan bij de vereiste van het Unierecht, dat beperkingen op het vrij verkeer van diensten proportioneel en noodzakelijk moeten zijn ter verwezenlijking van een legitiem doel. De lijst van risicosectoren zal om de twee jaar worden geëvalueerd en zo nodig aangepast.
Welke documenten moet u verzamelen in het kader van de zorgvuldigheidsplicht?
Indien uw rechtstreekse (onder)aannemer tot één van de risicosectoren behoort, dient u voor iedere derdelander een aantal documenten op te vragen vóór de aanvang van de werken. De te verzamelen documenten hangen af van de wijze waarop de derdelander tewerk wordt gesteld.
A. Bij detachering vanuit de EER of Zwitserland:
- een geldig paspoort (of daarmee gelijkgestelde reistitel);
- een bewijs van recht op verblijf of verblijfsvergunning van meer dan drie maanden in een lidstaat van de EER of Zwitserland;
- een Limosa-verklaring (behoudens vrijstelling); en
- een A1-verklaring (of het ontvangstbewijs van de aanvraag).
B. Bij detachering vanuit een derde land (buiten EER/Zwitserland):
- een geldig paspoort (of daarmee gelijkgestelde reistitel);
- een bewijs van wettig verblijf in België of gecombineerde vergunning;
- een bewijs van geldige toelating tot arbeid of beroepskaart; en
- een Limosa-verklaring (behoudens vrijstelling).
C. Bij tewerkstelling door een Belgische onderneming:
- een geldig paspoort (of daarmee gelijkgestelde reistitel);
- een bewijs van wettig verblijf in België of gecombineerde vergunning;
- een bewijs van geldige toelating tot arbeid of beroepskaart; en
- een Dimona-verklaring.
Na ontvangst van deze documenten, dient u de gepaste zorgvuldigheid toe te passen en de stukken te controleren op echtheid en geldigheid. Controleer dus zeker de geldigheidsdatum en ga na of de documenten niet overduidelijk vervalst zijn. Dit is een inspanningsverbintenis.
Ingeval u vaststelt dat bepaalde documenten ontbreken of vervalst zijn, dient u uw rechtstreekse (onder)aannemer onmiddellijk te vragen om de correcte stukken alsnog te bozorgen. Dit doet u best schriftelijk. Als dit wordt geweigerd, moet u onmiddellijk de Vlaamse Sociale Inspectie op de hoogte brengen, via het elektronisch meldloket op de website van de Vlaamse overheid.
Hoe lang moet u de documenten bewaren?
Het spreekt voor zich dat u zowel de schriftelijke verklaring als de documenten die u in het kader van de zorgvuldigheidsplicht ontvangt, ter beschikking moet houden van de sociale inspectiediensten.
Aangezien de verzamelde documenten persoonsgegevens bevatten, is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG/GDPR) van toepassing. In dat kader treedt u op als verwerkingsverantwoordelijke.
U dient deze documenten tot vijf jaar na de beëindiging van de aanstelling van de (onder)aannemer te bewaren, met een maximale bewaartermijn van tien jaar.
Gedoogperiode van zes maanden
De Vlaamse regering voorziet een gedoogperiode van zes maanden na 1 januari 2026. De sociale inspectiediensten zullen tijdens deze periode coulanter optreden bij de handhaving, zodat ondernemingen nog de tijd hebben tot en met 30 juni 2026 om zich aan te passen.
Opgelet: voorafgaande kennis blijft doorslaggevend
Dit is cruciaal. Zelfs als u een schriftelijke verklaring bezit én aan uw zorgvuldigheidsplicht heeft voldaan, bent u toch strafrechtelijk aansprakelijk indien de sociale inspectie kan bewijzen dat u voorafgaand aan de inbreuk op de hoogte was van de illegale tewerkstelling door uw rechtstreekse (onder)aannemer.
Bovendien strekt uw aansprakelijkheid zich verder uit dan uw rechtstreekse (onder)aannemer. Ook voor inbreuken door onrechtstreekse (onder)aannemers (waarmee u dus geen rechtstreekse contractuele relatie heeft) kunt u strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld, wanneer de sociale inspectie aantoont dat u voorafgaand aan de inbreuk op de hoogte was van de illegale tewerkstelling van één of meerdere derdelanders.
Zoals hierboven reeds werd aangehaald, geldt de strafrechtelijke aansprakelijkheid eveneens voor de opdrachtgever-natuurlijke persoon die uitsluitend voor privédoeleinden een aannemer inschakelt, indien wordt aangetoond dat hij voorafgaandelijk kennis had van de illegale tewerkstelling.
De sociale inspectie kan deze voorafgaande kennis met alle mogelijke bewijsmiddelen aantonen.
Praktische aanbevelingen
1. Vraag altijd een schriftelijke verklaring
Ongeacht de sector, moet u altijd een schriftelijke verklaring van uw rechtstreekse (onder)aannemer bezitten. Neem deze verklaring op in de aannemingsovereenkomst of laat een afzonderlijke verklaring op eer ondertekenen.
2. Richt een documentatiesysteem in voor risicosectoren
Bent u actief in de bouw-, schoonmaak-, vlees- of koerierssector? Zorg ervoor dat u voorafgaand aan de werkzaamheden de vereiste documenten systematisch verzamelt, controleert en per (onder)aannemer een volledig dossier aanlegt. Laat u eventueel ondersteunen door een sociaal secretariaat of een advocaat, om er zeker van te zijn dat u hebt voldaan aan uw zorgvuldigheidsplicht.
3. Pas uw (onder)aannemingsovereenkomsten aan
Neem duidelijke waarborgen en beschermingsmechanismen op in uw (onder)aannemingsovereenkomsten. U kunt hierbij de volgende clausules overwegen:
- een vrijwaringsverplichting: uw (onder)aannemer verbindt zich ertoe om u schadeloos te stellen voor alle kosten, boetes en schade, voortvloeiend uit ketenaansprakelijkheid wegens door hem begane inbreuken.
- een verplichting tot medewerking: uw (onder)aannemer verbindt zich ertoe de vereiste documenten aan te leveren binnen de gestelde termijn, wijzigingen in zijn personeelsbestand onmiddellijk te melden en toegang te verlenen voor controles.
- opschortingsrechten: bij vaststelling van illegale tewerkstelling of weigering om documenten te bezorgen, behoudt u het recht voor om betalingen (gedeeltelijk) op te schorten en de toegang tot de werf te ontzeggen.
- een ontbindingsclausule: de overeenkomst wordt van rechtswege ontbonden bij vaststelling van illegale tewerkstelling.
- een kettingbeding: u legt uw (onder)aannemer op om dezelfde eisen te bedingen in de overeenkomst met zijn eigen onderaannemer(s).
Conclusie
De verstrenging van de ketenaansprakelijkheid sinds 1 januari 2026 vereist een proactieve aanpak, vooral in de vier risicosectoren. Een loutere schriftelijke verklaring volstaat niet meer. U moet een gedegen systeem opzetten voor het verzamelen, controleren en bewaren van documenten van alle derdelanders die uw rechtstreekse (onder)aannemer tewerkstelt.
Hoewel er een gedoogperiode van zes maanden geldt, is het raadzaam om tijdig actie te nemen om uw bedrijf te beschermen tegen strafrechtelijke vervolging en boetes.
Wilt u zeker zijn dat uw (onder)aannemerscontracten en interne procedures aangepast zijn aan deze nieuwe risico’s?
Bij LegalDirect maken we uw contracten en documentatie juridisch sluitend, zodat u geen strafrechtelijke risico’s loopt.
Plan vandaag nog een gerichte contractaudit of update van uw modelovereenkomsten. Aarzel niet om ons te contacteren
Joris Lopes
#LegalDirect #bouwrecht #contractrecht #ketenaansprakelijkheid #onderaannemers
